top of page
Zoeken

Inclusie als lakmoesproef voor toezicht (1/6)

  • Miranda Haak
  • 28 mei
  • 3 minuten om te lezen

Bijgewerkt op: 9 jun

Inclusie vraagt meer dan meetbaarheid alleen



De maatschappelijke en politieke context rond ESG, diversiteit en inclusie verandert snel. Regelgeving zoals de CSRD en ESRS verplicht organisaties tot transparante rapportage. KPI’s worden geïntroduceerd, dashboards opgezet, en diversiteit verschijnt steeds vaker op de agenda van bestuur en toezicht.


Maar wat blijft over wanneer de externe druk afneemt?


Wat gebeurt er als de wetgeving wordt versoepeld, als de aandacht van de media verschuift, of als economische turbulentie prioriteiten herschikt? Welke onderwerpen blijven dan nog écht verankerd in de cultuur, het bestuur en het toezicht — en welke verdwijnen naar de achtergrond?


Voor de Raad van Commissarissen is dit een cruciale vraag.


Inclusie is namelijk meer dan een rapportageverplichting of een reputatiemanagementtool. Het is een lakmoesproef voor toezichtskwaliteit.


Inclusie als governance vraagstuk

Recent heeft Miranda Haak, directeur van DUFINCO, de Nyenrode Commissarissencyclus afgerond met een paper over inclusie en diversiteit als integraal onderdeel van bestuur, toezicht en organisatiestructuur.


Daarin staat één vraag centraal:


Hoe kan de Raad van Commissarissen effectief toezicht houden op inclusie, waaronder etnische diversiteit, als onderdeel van governance, cultuur en besluitvorming, onder zowel het CSRD/ESRS-kader als in contexten waarin juridische afdwingbaarheid afneemt en professioneel oordeel centraal komt te staan?


Juist dat verschil is relevant.


Binnen CSRD/ESRS bieden indicatoren, rapportage-eisen en assurance een zekere structuur. Maar in vrijwillige kaders, zoals de VSME of bij MKB-organisaties, is ruimte voor eigen invulling groter. Dan is het aan bestuur én toezicht om te bepalen wat inclusie écht betekent — en hoe je daar als raad invulling aan geeft.


KPI's tonen niet automatisch inclusie

Inclusie wordt steeds vaker vertaald naar KPI’s, quota en ESG-indicatoren. Dat is begrijpelijk. Meetbaarheid helpt om zichtbaar te maken waar je staat, en kan organisaties in beweging zetten. Quota kunnen een hefboom zijn. Maar ze zijn geen garantie voor cultuur.


Want wat gebeurt er wanneer inclusie vooral wordt verdedigd vanuit prestaties of economische opbrengst?


Alex Edmans, hoogleraar Finance aan de London Business School, laat zien dat het verband tussen diversiteit en financiële prestaties moeilijk meetbaar is — en sterk afhankelijk van context. Dat betekent niet dat business cases niets waard zijn. Maar ze zijn geen robuust fundament. Zeker niet wanneer de economie tegenzit of de focus verschuift.


KPI’s tonen aan wie er aan tafel zit. Maar ze zeggen weinig over of iedereen daadwerkelijk wordt gehoord.


Ze meten samenstelling, maar niet psychologische veiligheid.

Ze tonen diversiteit, maar niet inclusie.


Juist daarom vormt inclusie een belangrijke toetssteen voor de kwaliteit van toezicht.


Het vraagt om professioneel oordeel, niet alleen om data.

Het vraagt om aandacht voor cultuur, groepsdynamiek en besluitvorming — onderwerpen die zich niet laten vangen in dashboards.


Inclusie laat daarmee ook de grenzen van meetbaarheid zien.


Niet alles wat meetbaar is, is belangrijk.

En niet alles wat belangrijk is, is meetbaar.


Wat betekent dit voor bestuurders en toezichthouders?

Voor veel bestuurders en toezichthouders verschuift inclusie steeds meer van een rapportagevraagstuk naar een governancevraagstuk.


Juist wanneer wettelijke verplichtingen afnemen of meer ruimte laten voor eigen invulling, ontstaan vragen zoals:

  • Hoe houdt een Raad van Commissarissen effectief toezicht op inclusie?

  • Welke informatie is nodig om hierover een goed oordeel te kunnen vormen?

  • Hoe toets je of verschillende perspectieven daadwerkelijk worden meegenomen in besluitvorming?

  • Hoe voorkom je dat inclusie uitsluitend wordt teruggebracht tot KPI's, quota of rapportageverplichtingen?

  • En hoe ga je om met vrijwillige kaders, zoals de VSME, waarin professioneel oordeel een grotere rol speelt?


Dit zijn vraagstukken die raken aan cultuur, groepsdynamiek, besluitvorming en toezichtkwaliteit.


DUFINCO ondersteunt bestuurders en toezichthouders bij het vertalen van deze vraagstukken naar de praktijk van governance en toezicht. Niet vanuit standaardoplossingen of afvinklijsten, maar vanuit de vraag hoe inclusie duurzaam kan worden verankerd in bestuur, toezicht en organisatiecultuur.


In de komende maanden publiceert DUFINCO een reeks artikelen over inclusie als kernonderdeel van goed toezicht. We gaan in op:

  • Professioneel vakmanschap en toezichtsethiek

  • Cultuur en psychologische veiligheid in raadsverbanden

  • Selectie- en benoemingsprocessen

  • Maatschappelijke aansluiting en verantwoordelijkheid

  • En hoe toezicht effectief kan zijn — ook wanneer de regels wijzigen


Inclusie is geen tijdelijk thema.


Het is een blijvende uitdaging voor bestuur én toezicht. En juist daarom: een echte lakmoesproef.


Wilt u verder spreken over de rol van inclusie binnen governance, cultuur en toezicht, of over de betekenis hiervan voor bestuur en Raad van Commissarissen? Neem dan contact op via info@dufinco.nl of bel +31 (0)6 512 47 217.


— Miranda Haak, DUFINCO






 
 
 

Opmerkingen


bottom of page